Redactioneel: Openbare ruimte

De inrichting van de openbare ruimte is jarenlang geen issue geweest in politiek Den Haag. Na zeven jaar stilte heeft de VROM-raad bij wijze van wake-up call op 5 juni een rapport aangeboden aan Jacqueline Cramer, minister van VROM. De openbare ruimte moet weer een onderdeel worden van het beleid, zo hoopt de raad. Dat is geen overbodige luxe, want uit een onderzoek van de Volkskrant bleek al eerder dat de openbare ruimte op nummer 1 staat als het gaat om de grootste ergernissen in het land.

De Helling besteedt in dit zomernummer uitgebreid aandacht aan allerlei aspecten van de inrichting van de openbare ruimte. En omdat het een onderwerp is waarover je moeilijk in het algemeen kunt praten, hebben we een casus uitgekozen: Amsterdam Noord. Dit grootste, maar altijd stiefmoederlijk behandelde stadsdeel van de hoofdstad heeft in de loop van haar geschiedenis vele concepten van stedenbouw, ruimtelijke ordening enzovoort over zich heen gekregen. Tegenwoordig is het een uiterst divers stadsdeel, met net zoveel inwoners als een grote provinciestad: 88.000. Sommige delen zijn tot Vogelaarwijken bestempeld, maar aan de randen van Noord wonen ook ministers in prachtige villa’s. Het stadsdeel staat bekend om zijn groen en zijn ruimte en dat zou ook de reden zijn dat – hoewel niemand er wil wonen – wie er woont er nooit meer weg wil. En tegenwoordig schieten de trendy cafe´s langs het IJ als paddestoelen uit de grond, is er een cultureel debatcentrum in oprichting en verwacht men de komst van het filmmuseum naar de Noordkant van het IJ. Kunstenaars, architecten en cultuurminnaars vestigen zich er omdat er van alles gebeurt en nog van alles ontwikkeld kan worden. Kortom: Noord is volop in beweging.

In deze Helling bekijken we van dichtbij hoe dit proces verloopt, waarbij thema's aan de orde komen als de verhouding tussen publieke en private ruimte, de betrokkenheid van bewoners bij de herinrichting van pleinen en straten en de rol van het (grote) geld en de politiek.

De wensen in de openbare ruimte zijn legio en staan vaak op gespannen voet met elkaar: aan de ene kant wil men meer overzicht en sturing, aan de andere kant zijn er dermate veel partijen betrokken bij de inrichting van straat en wijk dat de simpelste projecten nogal eens verzanden. Veiligheid en eenvoudig onderhoud staan hoog op de agenda van de gemeente, maar dat gaat nogal eens ten koste van de esthetiek en bewonersvriendelijkheid van een buurt. En hoe kan voorkomen worden dat de openbare ruimte steeds meer wordt bepaald door de partijen met geld, waardoor er diepe sociale tegenstellingen ontstaan tussen arme en lelijke buurten en rijke en geheel gestylde wijken?

Met deze Helling willen we de wake-up call van de VROMraad van harte ondersteunen: er is alle reden de inrichting van de openbare ruimte hoog op de politieke agenda te plaatsen en het niet langer als een restpost te verwaarlozen.

Onderzoeker en docent aan de Protestantse Theologische Universiteit. Oud-hoofdredacteur van tijdschrift de Helling.
Alle artikelen