9 jun 2016

Kosmische goudkoorts in goede banen leiden

Mijnbouw in de ruimte vraagt om regels

Planetoïde. Foto door NASA.

Bedrijven maken zich op om grondstoffen te gaan winnen in de ruimte. Deze mijnbouw vereist internationale afspraken. Anders wordt de ruimte het nieuwe Wilde Westen.

Beleggers die van een gokje houden kunnen hun geld steken in ruimtemijnbouw. In de Verenigde Staten zijn meerdere bedrijven bezig met het ontwikkelen van ruimtevaartuigen en robots voor het ontginnen van planetoïden, de talrijke steen- en metaalklompen die om onze zon draaien. Sommige metalen die dun gezaaid zijn in de aardkorst, zoals platina en goud, liggen er in hoge concentraties aan de oppervlakte. Binnen tien jaar hopen de space miners deze metalen te gaan delven.

Ook overheden zijn bevangen door de kosmische goudkoorts. Om commerciële investeringen in ruimtemijnbouw aan te jagen nam het Amerikaanse Congres vorig jaar de Space Act aan. Deze wet beoogt bedrijven de juridische zekerheid te geven dat de grondstoffen die zij delven op andere hemellichamen ook daadwerkelijk hun eigendom worden. De Verenigde Arabische Emiraten en Luxemburg werken inmiddels aan vergelijkbare wetgeving.

Conflictstof

Zulke wetten staan op gespannen voet met het internationaal ruimterecht. Al in 1967 sloten de regeringen op aarde het Ruimteverdrag, waarin zij het heelal tot ‘domein van de hele mensheid’ bestempelden. Geen enkel land mag zich een hemellichaam toe-eigenen. Mag Washington dan wel de eigendomswet schrijven voor Ryugu, Nereus en alle andere planetoïden waar mijnbouwbedrijven naar lonken?

De toekomstige conflicten laten zich uittekenen. Als twee space miners dezelfde planetoïde willen ontginnen, komen ze elkaar al snel in de weg te zitten. Regeringen kunnen worden meegezogen in zo’n conflict. Ook het ruimtepuin van mislukte mijnbouwmissies, dat een gevaar vormt voor andere activiteiten in de ruimte, kan conflictstof worden. Net als het risico dat planetoïden op ramkoers met de aarde komen te liggen wanneer hun baan – ten behoeve of als gevolg van de mijnbouw – wordt veranderd. Ontwikkelingslanden, tenslotte, kunnen stampij gaan maken over het feit dat alleen rijke landen profiteren van ruimtemijnbouw, terwijl zij al een onevenredig groot deel van de grondstoffen van planeet aarde verbruiken.

Om te voorkomen dat de ruimte het nieuwe Wilde Westen wordt, is een verdrag nodig dat de ruimtemijnbouw in goede banen leidt. Welnu, zo’n verdrag bestaat. In 1979 kwam het Maanverdrag tot stand, dat een internationaal regime aankondigt voor de ontginning van de maan én alle andere hemellichamen. Dit verdrag belooft alle landen een ‘billijk aandeel’ in de opbrengsten van de grondstoffenwinning. Helaas is het Maanverdrag slechts door een handjevol landen bekrachtigd.

Nederland behoort tot de landen die het Maanverdrag hebben geratificeerd. Daarmee dient ons land de naleving van dit verdrag te bevorderen. Het zou de regering passen om binnen de Europese Unie en de Verenigde Naties te ijveren voor een internationale organisatie die de ruimtemijnbouw reguleert en de opbrengst eerlijk verdeelt. (Voor mijnbouw in de bodem onder internationale wateren bestaat al zo’n organisatie, de Internationale Zeebodemautoriteit.)

Einde van de schaarste?

Ontwikkelingslanden die zelf niet over ruimtevaartcapaciteit beschikken, kunnen bondgenoten zijn bij zo’n campagne. Zij hebben nog een ander belang: de kersverse VN-afspraak om het gebruik van de natuurlijke hulpbronnen van de aarde terug te brengen tot een houdbaar niveau in 2030. Dit Duurzame Ontwikkelingsdoel wordt een lachertje als rijke landen, in de ban van de ontginning van planetoïden, voortijdig het einde van de schaarste afkondigen. “Onze wereld zit aan zijn grenzen en toch willen we allemaal meer. En waarom niet?” Met deze belofte van kosmische overvloed maakt een Amerikaans ruimtemijnbouwbedrijf reclame voor zichzelf [zie video hieronder]. Zo wordt ruimtemijnbouw een excuus voor voortgaande overconsumptie in het Westen, ten koste van ontwikkelingslanden en toekomstige generaties.

Van de wetteloze Gold Rush aan de Amerikaanse westkust in de negentiende eeuw tot de huidige strijd om de mijnen in Oost-Congo, we weten hoe sterk grondstoffenwinning verbonden is met conflicten. Tijdige diplomatie kan twist en geweld voorkomen. Er is nu nog tijd voor conflictpreventie in de ruimte.

Dit artikel verscheen, in verkorte vorm, op 9 juni 2016 in het Algemeen Dagblad.

Ruimtemijnbouwer Deep Space Industries kondigt het einde van de schaarste af: "Our world is at its limits and yet we all want more. And why not?"

 

Meer info

VPRO Tegenlicht, documentaire ‘Race naar de ruimte’, 6 december 2015

Bas Eickhout (GroenLinks), schriftelijke vragen aan de Europese Commissie over ruimtemijnbouw, 27 juni 2016

Wetenschapsfilosoof. Adviseur duurzame en slimme mobiliteit. Vrijwilliger Bureau de Helling.
Alle artikelen
Medewerker van Bureau de Helling.
Alle artikelen