13 mei 2013

Té groen

Gedesillusioneerd keek hij me aan, zijn ogen afdwalend naar de grijze lucht. 'Waarom gaan jullie nu al weg?' had ik hem zojuist gevraagd.

Een paar dagen geleden was hij met zijn gezin neergestreken op camping in de Dordogne waar ik die zomer werkte. Mooie camping, schitterend uitzicht op de rivier en volop vriendjes en activiteiten voor zijn kroost. Niets minder dan een paradijs voor de vakantievierende gezinsman.

Niet voor dit exemplaar. 'Je denkt toch niet dat ik hier nog langer blijf?,' zei hij spottend, 'het regent al twee dagen! Toen we hier aankwamen, zag ik meteen dat het foute boel was. Het is hier veel te groen.' Na vijftien jaar hoor ik nog steeds de licht spottende, verongelijkte toon waarop hij deze onsterfelijke woorden uitsprak.

O, vakantie. Die paar weken in het jaar waarin we op kosten van de zaak 'even niets moeten.' Weken waarin we verstoken zijn van de dagelijkse sleur met bijbehorende ongemakken, weken waarin we eindelijk de droom kunnen leven die ons al maandenlang op abri-posters is voorgespiegeld: zonovergoten zorgeloosheid.

Die paar weken worden dan ook geacht verre te blijven van alles wat ons aan 'thuis' herinnert, zoals regen, files, luidruchtige buren en onprettig horecapersoneel – zaken waarover wij ons weliswaar regelmatig hartgrondig beklagen, maar die wij over het algemeen toch accepteren als onlosmakelijk verbonden met het wonen in Nederland.

Komen dergelijke stoorzenders op vakantie op ons pad, dan is alle acceptatie plotseling ver te zoeken. Natuurlijk zit niemand te wachten op een dubbel geboekt hotel, lange files, een voedselvergiftiging door een verkeerde hamburger en vooral: donkere luchten. Maar ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat de vermeende plicht tot perfectie die om vakantie heen hangt, zorgt voor een wat onrealistische interpretatie van de werkelijkheid.

Waar onze dorpen en steden ons thuis vaak niet groen genoeg kunnen zijn, staat 'groen' op vakantie symbool voor regen en dus: wegwezen! Ik heb mensen bijna gegeneerd verslag horen doen van vakanties zonder de hoeveelheid zon die ze van tevoren voor ogen hadden. Mijn eigen herinneringen aan enkele prachtige campings tijdens een lange rondreis die wij ooit maakten zijn besmet door die paar nachten met luidruchtige buren. Er zijn zelfs tv-programma's die uitrukken om ons te redden van tot 'vakantieleed' gebombardeerde onprettige verrassingen.

Vier of vijf weken per jaar hebben we om het leven te leven waar we een heel jaar lang van dromen, weken waarvoor geldt: nú, of anders pas weer over een jaar. Dat ook geplande perfectie niet bestaat, heeft echter iedere vakantieganger ooit aan den lijve ondervonden. Het blijkt een illusie om onze vakantie volledig te vrijwaren van de onvoorspelbaarheid die ons dagelijks leven zo vaak treft, met stip op één: slecht weer. In plaats van minder dagelijks leven in onze vakantie moeten we daarom misschien maar eens streven naar iets meer zorgeloos vakantiegevoel in ons gewone bestaan, zodat de druk in die paar weken wat minder groot wordt. En we ook op vakantie een groene omgeving gewoon kunnen waarderen als iets moois, in plaats van een recept voor ellende. 

Hoofdredacteur van tijdschrift de Helling.
Alle artikelen

Reactie toevoegen