De wereld is niet maakbaar

Interview met filosoof John Gray

De politiek-filosoof John Gray bekritiseert in zijn boeken zowel links als rechts. Zijn belangrijkste boodschap is dat het westerse geloof in vooruitgang en maakbaarheid een gevaarlijk geloof is. Hij waarschuwt Nederland voor een overreactie op de moord op Van Gogh. “Wantrouw machten die roepen om omverwerping van het oude ten behoeve van het nieuwe.”

Terwijl in Nederland de Verlichting wordt herontdekt door rechts als hoogtepunt van de westerse beschaving – ter onderscheid met de achterlijke islam – betoogt de Engelse politiek-filosoof John Gray dat de Verlichting het beginpunt is geweest van veel ellende. De Verlichting zette de rede en rationaliteit centraal maar bracht in feite een nieuw geloof: die van vooruitgang. Het geloof dat met behulp van kennis en wetenschap de mens en de wereld verbeterd kan worden. Dit denken is de inspiratiebron geweest voor communisme, nazisme, neo-liberalisme en het huidige Amerikaanse neo-conservatisme, en het is het denken dat leidt tot oorlog, onderdrukking, genocide en natuurvernietiging. Met hun belofte van een heilstaat op aarde, aldus Gray, zijn deze politieke religies een seculiere variant van het christelijke verlossingsverhaal. De humanistische opvatting dat de mens ‘vrij’ gemaakt kan worden is een gevaarlijke misvatting want een legitimatie tot geknutsel aan ziel en samenleving. Het kwaad zit niet buiten de mens, maar het is zijn wezen, betoogt Gray, en dat hebben pre-moderne religies beter door dan de moderne. “De mens is radicaal gespleten – een waarneming die in het verhaal van de Zondeval wordt uitgedrukt. De mens mag dan naar vrede en vrijheid verlangen, hij is niet minder gek op oorlog en tirannie.” Dit realisme maakt Gray tot een pessimist. Hij verwacht ‘apocalyptisch geweld’ van radicale islamisten, rampen door broeikaseffect, oorlogen over hulpbronnen en ook Europa zal het geweld niet bespaard blijven.  

John Gray, die hoogleraar Europese ideeëngeschiedenis is aan de London School of Economics, heeft zijn cultuurkritiek de afgelopen jaren uitgewerkt in een respectabel aantal boeken, met als nieuwste Provocaties (2004), waar bovenstaande citaat uit afkomstig is. Hij bewees zijn tegendraadsheid toen hij, als oud-adviseur van Thatcher, in 1998 in zijn boek Vals ochtendlicht het neo-liberale project van de globalisering van de vrije markt ontrafelde als utopisch en daarom gevaarlijk. In november was Gray even in Amsterdam, waar hij de Thomas More Lezing hield. In de hotellobby, onder een grote staande Friese staartklok, lichtte hij toe. “Het neo-liberalisme is een typisch voorbeeld van een vals geloof. De neo-liberalen hadden na de val van de Muur werkelijk het idee dat de vrije markt heil zou brengen voor de hele wereld. Maar het heeft vooral chaos veroorzaakt. Rusland heeft nu een wildwest- economie. Argentinië is bankroet. Alles door de uniforme recepten van de vrije markt, opgelegd door het IMF. Ook het Europese neo-liberale integratieproject richt schade aan. De onderlinge verschillen, historisch, cultureel en politiek, zijn groot. Griekenland is geen  Nederland, Spanje geen Polen. Dat moet je niet willen harmoniseren. Gevolg is verminderde democratie en in veel landen gaat het economisch slecht. In Europa pakt het liberale project minder rampzalig uit vanwege haar stabiele instituties, maar elders in de wereld is het een ramp.

Martelen

“Het liberalisme vernietigt op veel plekken de bestaande structuren, economisch, cultureel en sociaal, bijvoorbeeld het familieleven. Dat is het meest schadelijk; er worden structuren vernietigd die nooit meer opgebouwd kunnen worden. Ik pleit voor pluralisme.”

Hij is het zeker niet in alles eens met de andersglobaliseerders. “Zij onderschatten hoe moeilijk het is om het proces van globalisering tegen te gaan. Denk eraan, er zijn twee soorten globalisering. De eerste is die van industrialisering. Die kan niet worden gestopt door politici of sociale bewegingen, want die wordt gedreven door technologie en communicatie. Industrialisering is onomkeerbaar en de ontwikkeling van China en India kan dit alleen maar versnellen. Dit wordt een wereldwijde ramp omdat het klimaatverandering veroorzaakt. Samen met schaarste van olie zal dat op termijn leiden tot ecologische rampen en oorlogen. De tweede vorm van globalisering is die van liberalisering van markten; dat is wel een politieke keuze. Maar deze globalisering stokt door de oorlog in Irak en terrorisme. De WTO heeft zijn hoogtijdagen gehad, ondanks de recente aansluiting van China. Zodra de economische crisis Amerika met haar handelstekorten treft, voorspel ik protectionisme.”

Volgens Gray is het neo-liberale tijdperk voorbij. Het is nu de tijd van het neo-conservatisme. “Die is veel schadelijker. Het grote verschil is dat neo-conservatieven bereid zijn om de vrije markt en democratie met geweld op te leggen. De neo-liberalen wilden ook heil brengen, maar de neo-conservatieven zijn zo overtuigd van hun ware geloof dat ze het met het geweer willen opleggen, net als de communisten deden. De omslag naar het neo-conservatisme is heel scherp: 11-9, dat bracht hen aan de macht. De gemakkelijke omgang met geweld zien we ook terug in het weer geaccepteerd raken van marteling. In Engeland ligt er een zaak bij de hoge raad waarin bewijs verkregen door martelen wordt toegestaan.”

Moskeeën

In Al Qaida en de moderne tijd (2003) benadrukt Gray dat het moslimterrorisme met zijn revolutionaire streven een typisch product is van de westerse moderne cultuur. “De radicale islamisten zien zichzelf als vijanden van het westerse modernisme, maar hun ideeën zijn gebaseerd op westerse ideologieën als het Leninisme en Nazisme. Het geloof dat de wereld herschapen kan worden door middel van geweld heeft geen voorloper in de islam. Al Qaida heeft meer gemeen met de Baader-Meinhofgroep.” Voor de bronnen van de haat van de islamisten verwijst hij terug naar de jaren zestig. “Toen werden de traditionele sociale structuren in het Midden-Oosten vernietigd door een mix van kolonialisme, slecht bestuur, een trek naar de stad en oorlogen. De nieuwste uitingen van terreur worden natuurlijk ook gevoed door de Irak-oorlog.”

In uw boek over Al Qaida voorspelt u in het Westen Hobbesiaanse politiestaten.
“Ik ben bang dat het die kant opgaat. Amerika is al een eind op weg met de Patriot Act. Het grote publiek zal het geen probleem vinden, die vragen om de harde aanpak. Toch is het een verkeerde reactie. Natuurlijk zijn er maatregelen nodig, vooral veel inlichtingenwerk, maar de harde aanpak werkt niet. Het beperken van vrijheden om vrijheid te redden, zoals imams het land uit sturen, moskeeën sluiten, lukraak mensen oppakken en opsluiten zoals dat gebeurt in Amerika, Frankrijk en Engeland, dat voorkomt geen terreur.

“Engeland heeft een jarenlange lange ervaring met de IRA. In de jaren zeventig was er actieve repressie en het werkte niet - de aanslagen gingen door - terwijl dat conflict natuurlijk veel overzichtelijker is. Enige wat rest is proberen de terreur te beperken tot redelijke proporties. Beheersen, verminderen, isoleren. Ook als je oorzaken wegneemt, en daarin verschil ik van links, heb je nog niet de huidige extremisten te pakken. Je hebt maar enkele honderden nodig voor dreiging. Wat je natuurlijk niet moet doen is voedsel geven aan terreur. De oorlog in Irak heeft de basis gelegd voor jarenlange rekrutering.”

Volgens sommige commentatoren heeft Nederland de moord op Van Gogh te danken aan haar ruwe publieke debat en het moslim pesten, ook in beleid. Had zoiets ook elders kunnen gebeuren?
“Engeland had Rushdie! Hij werd met de dood bedreigd maar is op tijd ondergedoken. Zo’n moord kan overal gebeuren. Engeland heeft een lange traditie van politieke moorden en elders in Europa hetzelfde. Jullie zijn zo geschrokken omdat hier sinds de 17de eeuw geen politieke moord meer heeft plaats gevonden. Nederlanders zijn gaan denken dat dat de normale situatie is. Ze zijn er ook te lang vanuit gegaan dat in een liberaal land mensen ook vanzelf wel liberaal zouden worden, maar dat is niet zo. Nu lijken jullie weer door te schieten naar de andere kant, naar dwang. Eerst was er verwaarlozing door het naïeve multiculturalisme, nu is er een door paniek ingegeven gedwongen assimilatie in een liberale monocultuur. Dat is een nog veel grotere fout. Ik begrijp het wel. Er is angst en angst is altijd gevaarlijk; het levert niets op behalve negatieve vormen van solidariteit: het sluit mensen uit.

“De moord op Van Gogh is een cesuur in Nederland, zoals 11-9 dat was voor de VS. Op dit soort momenten is politiek onmisbaar: slechts 10 procent van politiek gaat over handhaving van de rechtsstaat, 90 procent van politiek is het instandhouden en herstellen van de banden tussen mensen. Ik bewonder Spanje dat zo rustig is gebleven na de aanslag in Madrid. Maar kijk uit, verwijt mensen niet hun emotionele en soms reactionaire reacties. Die zijn begrijpelijk. Geen vingertje, geen afwijzing, als politiek moet je beheersen. Ik ben het eens met de Amsterdamse burgemeester Cohen die de boel bij elkaar wil houden. Je moet mensen uit hun paniek halen.”

U relativeert de vooruitgang: die is er wel in de wetenschap maar niet in de ethiek. De mens leert geen lessen, de samenleving wordt niet beter. Vrede, vrijheid, veiligheid is altijd tijdelijk. Betekent dat het einde van de politiek?
“Laat ik voor de internationale politiek drie doelen noemen. Het tegengaan van martelingen, het tegengaan van oorlog en genocide, en als derde, om ook een positief doel te noemen, het zelfbeschikkingsrecht van vrouwen op geboortebeperking: voorbehoedsmiddelen en abortus. Dat is allemaal al moeilijk genoeg. Kan je het je voorstellen: oorlogen tegengaan?

Avishai Margalit pleit in zijn boek Decent society voor fatsoen als minimumprogramma, wat inhoudt dat instituties en regels mensen niet vernederen. Dat spreekt me aan, meer dan de liberale projecten: persoonlijke autonomie is minder belangrijk dan het voorkomen van vernedering. Zelfs liberale staten slagen daar niet in, zoals Amerika nu laat zien met haar martelingspraktijken. Natuurlijk mogen westerse landen ook lokaal sociaal beleid hebben als ze dat willen maar dat is niet de kern. Democratie is geen voorwaarde voor een fatsoenlijke samenleving. Mijn programma is minimaal maar moeilijk genoeg.

“Politiek moet bescheiden zijn. Politiek van vandaag is helemaal gebouwd op een neo-christelijk model met neo-christelijk jargon. Verlichting wordt beloofd en enorme vooruitgang. Maar de politiek moet niet proberen de wereld te redden. De vraag is niet wat politiek allemaal kan doen, maar wat alleen politiek kan doen. Politiek is een serie bescheiden interventies om terugkerende menselijke kwaden in te tomen. De mens is ook goed, maar ook kwaad.  We kunnen leren van Hobbes, Spinoza en Freud, omdat zij uitgaan van het menselijke kwaad. Met dat onvermogen moeten we leren leven. We moeten leren van de rampen die de Verlichting heeft aangericht.”

Dan is vooruitgang toch mogelijk?
“Maar waarschijnlijk gebeurt dat niet. Alles gaat in cirkels. West-Europa heeft vijftig jaar welvaart, vrede en vrijheid gekend, maar dat is geen enkele garantie voor de toekomst. De kansberekening is tegen ons. Mensen zeggen: ‘we hebben de ervaring van WO II, we hebben de verzorgingsstaat, we zijn klaar’. Maar dat zijn we niet. We zien nu de opkomst van extreem rechts. Politicologen zeiden dat het onmogelijk zou zijn: er is geen crisis zoals in de jaren dertig. Maar er is geen crisis nodig voor de terugkeer van het kwaad. Zie Oostenrijk, zeer welvarend, geen werkloosheid en zoveel aanhang voor extreemrechts. Het is nu anders dan in de jaren dertig natuurlijk: ze plegen geen coup en gebruiken de democratie. Nieuw rechts dwingt middenpartijen zich een andere retoriek aan te meten.

De fout van links is haar geloof in de goedheid van de mens. Links gaat ten onrechte uit van de rationaliteit van mensen. Het opmerkelijke is dat de neo-conservatieven nu in die zin ‘links’ zijn geworden: ze geloven in de mogelijkheden van de revolutionaire omwenteling, de wereld te verbeteren. Irak democratiseren! Wat links moet doen in deze tijd van neo-conservatisme is waarschuwen tegen radicaal utopisme. Waar dat toe leidt, daar weet links alles van. Dus moet links twijfels aankaarten, beroep doen op redelijkheid, op historisch besef, vertragen. Ze moeten er op wijzen dat Nederland 300 jaar vreedzaamheid, vrijheid en tolerantie niet moet weggooien uit paniek om één moord. Wantrouw de machten die roepen om omverwerping van het oude ten behoeve van nieuwe. Gevaarlijke plannen die alleen maar tot ellende leiden.”

John Gray in Nederlandse vertaling:

- Vals ochtendlicht, Ambo, 1998.
- Strohonden, Ambo, 2002.
- Al-Qaida en de moderne tijd, Ambo, 2003.
- Provocaties, Ambo, 2004.
- De Thomas More Lezing die John Gray hield op 17 november 2004 is verschenen onder de titel Verlichting en terreur (Soeterbeeck programma, Universiteit Nijmegen), met toelichtende essays van o.a. Ger Groot.

Monique Kremer is medewerker van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.
Alle artikelen
Jelle van der Meer is journalist en publicist.
Alle artikelen