4 mins

What we think, we become

In de zeer matige film 'The Iron Lady' (2011), waarin Meryl Streep een terugblikkende Margaret Thatcher speelt, zat precies één monoloog die me bijbleef: 

'Watch your thoughts for they become words. Watch your words for they become actions. Watch your actions for they become... habits. Watch your habits, for they become your character. And watch your character, for it becomes your destiny! What we think, we become.'

Zo is het maar net. 'Keuzes zijn feilbaar,' schrijft de econoom Avner Offer in The Challenge of Affluence, zijn magnum opus over zelfbeheersing en welzijn in het naoorlogse Engeland en Amerika. Een 'karakter' hebben is handig om feilbare keuzes grosso modo te vermijden. Anders geformuleerd: de verleidingen van het heden waar we dagelijks aan blootgesteld worden met een minimum aan inspanningen te weerstaan. Want het heden heeft een geweldige aantrekkingskracht die de toekomst ontbeert. De instinctieve voorkeur die mensen geven aan het nu zorgt vaak voor problemen in de toekomst - denk daarbij aan te veel eten en roken. Het hebben van een karakter waar je langetermijnbelangen zijn ingebakken is dus voordelig. Het betekent dat je niet dagelijks geconfronteerd wordt met de afweging tussen nu en later.

De meeste maatschappijen varen ook op zulke automatische piloten. Anders dan de conservatieve Thatcher gelooft Offer dat niet alleen het individu, maar ook de maatschappij verantwoordelijk is voor de zelfbeheersing van het individu. De spanning tussen korte en lange termijn wordt opgelost door 'commitment devices'. Pensioenen worden ingehouden op ons salaris, zodat we automatisch sparen. De leerplicht en het verbod op kinderarbeid zijn ingesteld zodat ouders niet in de verleiding komen hun kinderen als economische bron te gebruiken.

Technologie, schrijft Offer, is de drijvende kracht achter het ontstaan en vergaan van commitment devices. Een maatschappij moet leren omgaan met de veranderingen in levensstijl die ten gevolge van innovatie en toenemende rijkdom tot stand komen. Fast food, de sigaret, de auto: deze producten werden eerst warm onthaald wegens hun directe nut en genot. Tot ze paarden van Troje bleken: eten, roken en autorijden leiden bij gebrek aan commitment devices op termijn tot obesitas, longkanker en klimaatverandering. Succesvolle maatschappijen passen zich snel aan aan de nieuwe verleidingen. De publieke commitment devices voor het roken zijn een goed voorbeeld: van het verbod op roken in restaurants tot het verhogen van de accijns op tabak worden individuen geholpen weerstand te bieden aan een krachtige verleiding. Belastingvoordelen voor zuinige auto's: idem dito.

Offer's wereldbeeld is tragisch, het heeft oog voor de keerzijde van welvaart. Het individu is feilbaar en loopt voortdurend het risico ten prooi te vallen aan commercie. 'In affluent societies, the doctrines of economics tend to be aligned with the interests of the powerful. The competition that economists extol is one which the educated, the wealthy, the powerful, are already well placed to win,' schrijft Offer over de vrije markt. Of zoals Joris Luyendijk het formuleert in zijn column in NRC van 21 maart:

'(...) hoeveel oliemaatschappijen zijn er, farmaceutische giganten, spelers in de voedselindustrie? Hoeveel telefoonfabrikanten beheersen de 'markt'? De theorie van de 'vrije markt' legitimeert gigantische beloningen aan de top, terwijl in de praktijk kartels de markt verdelen.'

Door de ogen van Offer naar de wereld kijken is het aanschouwen van een wonderlijke strijd tussen enerzijds de niet aflatende stroom aan nieuwigheden, gadgets, plastic muppets, mode, eten en auto's die over ons worden uitgestort - terzijde gestaan door de apostelen van het 'nu' en hun miljarden onderzoeksgeld, bataljons aan psychologen, eeuwen aan denkkracht van neurowetenschappers en reclamejongens - en anderzijds het tere individu met een gemiddelde opleiding dat zo goed en zo kwaad als dat gaat zijn of haar langetermijnbelangen probeert veilig te stellen. Kijken door de ogen van Offer is het zien van reclames voor McDonald's - de knapperige verleiding van de hamburger die nu moet worden geconsumeerd - naast de reclameposters van de H&M waarin de modellen dun en aantrekkelijk zijn omdat ze signaleren dat ze weerstand hebben kunnen bieden aan McDonald's - en dus beschikken over zelfbeheersing.

Wie maximaal wil profiteren van de moderne consumptiemaatschappij moet zich ook voor het grootste deel van de dag kunnen beheersen. Kan je dat niet, dan zit je snel opgezadeld met schulden, een huis vol overbodige spullen en een lichaam met overtollige kilo's. In een maatschappij waarin zoveel geld wordt besteed aan marketing en onderzoek naar de diepste wensen van de consument, en waarin we dagelijks worden geconfronteerd met 'het nieuwe' dat we 'moeten hebben' zonder dat sociale normen zich voldoende ontwikkeld hebben om ons in toom te houden - welke evolutionaire eigenschap heeft ons ooit kunnen voorbereiden op online winkelen? - is de nood aan publieke commitment devices en denkers als Avner Offer groot. Als we onze gedachten verwaarlozen, leren Thatcher en Offer ons, ondermijnen we ons karakter en riskeren we ons welbevinden in de toekomst. 

Reacties

dank je voor deze column.

dank je voor deze column.

Ons zelfsturend vermogen wordt inderdaad nogal eens ondermijnd maar het helpt niet erg om daar somber over te doen. Integendeel, negatieve gedachten leiden tot een vervelende sfeer en dan lopen mensen weg.

Goed links groen leiderschap betekent het verleiden van mensen om zich te interesseren voor een mooi lange termijn perspectief dat ook nog eens aansluit bij prettige dingen op korte termijn, zoals vriendschap, nieuwe dingen leren en enthousiasme om iets te bereiken.

Laten we positief gaan flex-werken, ZZP'en, zonnepanelen op ons dak zetten, multi-cultiën en online van alles bewegen naar een vrolijkere toekomst.

Deze column heeft mij er toe

Deze column heeft mij er toe bewogen het boek van Offer aan te gaan schaffen. Hieronder echter mijn ongeïnformeerde gedachten over het probleem in kwestie.

De uitdaging van welvaart is niet om er weerstand aan te bieden, maar om deze volgens een eerlijk en rechtvaardig principe te verdelen teneinde iedereen mee te laten delen in consumptief welzijn.

Beheersing is iets dat maar beperkt door de overheid gestimuleerd kan worden door middel van accijnzen, wetten en reclamecampagnes. Kennisvergaring en maatschappelijke bewustwording over de effecten van de verschillende consumptiegoederen en genotsmiddelen is bij uitstek een overheidstaak omdat de geschiedenis reeds heeft uitgewezen dat zelfregulering en transparantie over de geproduceerde producten niet aan bedrijven zelf kan worden overgelaten. Kijk maar eens naar alle onthullingen door de keuringsdienst van waarde over verborgen ingrediënten en het recente paardenvlees schandaal.

Teveel overheidsbemoeienis en teveel regulering van de consumentenvrijheid leidt echter tot een ontevreden bevolking aangetast in haar vrijheden en mogelijkerwijs zelfs tot, zoals tijdens de drooglegging van de Verenigde Staten, criminalisering van bepaalde producten en soms zelf tot criminalisering van persoonlijk gebruik van illegale producten, zoals het gebruik van sommige drugs. De mens is baas van zijn eigen lichaam en geest en overheden zouden consumptie van welk product dan ook nooit mogen criminaliseren dit kan alleen op het productieniveau. Ontmoedigende maatregelen zoals accijnzen en informerende maatregelen zoals het financieren van onderzoek en bewustwordingscampagnes dragen bij aan beheersing maar het is uiteindelijk het individu die staat voor de consumptieve keuze en niet de overheid.

Beheersing en het maken van verantwoorde keuzes (al dan niet vrij)begint bij een rechtvaardigere verdeling van goederen, kennis en macht. Een goed geïnformeerd mens met voldoende middelen voor een gezonde levensstijl en die tevreden is over zijn of haar plek in de maatschappij en binding heeft met de omgeving zal zich beter kunnen beheersen dan iemand met beperktere middelen naar wie niemand omkijkt. Het is niet voor niets dat overgewicht evenals klimaatscepsis vaker voorkomt in de onderklasse en alcoholisme wijdverspreid is onder zwervers. Hoe gek het ook is, in de huidige maatschappij is een gezondere en bewuste levensstijl veel duurder dan een ongezonde levensstijl. Jongeren uit de lage sociaal-economische klassen, al dan niet gestimuleerd door een op consumptie gerichte jeugdcultuur, zijn het vatbaarst voor ongebreideld comsumptisme juist omdat zij verminderd toegang hebben tot consumptiegoederen en moeilijk op andere manieren hun stempel kunnen drukken op de maatschappij dan door het najagen van rijkdom. Voor hen rest niets anders dan het maatschappelijke adagium en tevens album titel van 50cent "Get Rich, or die Tryin".

De uitdaging van welvaart voor de mensen in de hogere sociaal economische klassen voor wie een gezonde levensstijl en het maken van bewuste keuzes binnen handbereik ligt is inderdaad beheersing, paradoxaal genoeg lukt dit echter vrij aardig. De maatschappelijke uitdaging van welvaart is het vinden van een rechtvaardige verdeelsleutel die ook de sociaal lagere klassen verheft tot een klasse waarin beheersing een reële optie wordt en derhalve een vrijere keuze.

Reactie toevoegen